Waarom ik niet kan wachten om oud te worden met games Spellen zijn straks bejaard en dat is top4 minuten leestijd

Na de zomer word ik dertig en die gedachte is zo deprimerend dat ik er het liefst zo min mogelijk aan denk. De kans dat ik m’n verjaardag überhaupt ga vieren is minimaal en ik hoop dat niemand na september om m’n leeftijd vraagt. Ouder worden heeft wel één groot voordeel: het betekent dat ik de komende dertig jaar aan game-ontwikkelingen mee ga maken. Nou ja, misschien wel meer dan dertig, maar ik moest nou eenmaal een arbitrair getal kiezen.

Meer gesproken verhalen horen? Abonneer je op onze podcast Laadscherm Voorgelezen

Games in hun puberteit

Games zijn in de afgelopen dertig jaar (waarvan ik er iets van vijfentwintig bewust heb meegemaakt) exponentieel interessanter geworden. Tuurlijk, Pong en Space Invaders waren vermakelijke spelletjes, maar het is pas sinds de afgelopen twee consolegeneraties dat games echt ‘volwassen’ zijn geworden.

Tijdens de PlayStation 2-generatie werd nog collectief naar een vorm gezocht, maar sinds de Xbox 360 verschijnen er steeds meer games met verschillende achtergronden, budgetten en doelgroepen.

Zonder spellen als Braid, Journey, Gone Home en Spelunky had ik allang een andere hobby gezocht en ik hoop dan ook van harte dat de komende dertig jaar net zo veel verscheidenheid en creativiteit gaan brengen.

Naast de mogelijkheid om downloadbare games voor lagere prijzen aan te bieden, is de alsmaar lager wordende drempel voor gameontwikkeling wat mij betreft de belangrijkste bijdrage aan het bijzonder brede scala aan games waar we tegenwoordig uit kunnen kiezen.

Metal Gear Solid V: The Phantom Pain

Optimisten zullen zelfs beweren dat iedereen met een computer op zijn zolderkamer games kan maken, maar dat gaat mij op dit moment nog iets te ver.

Om games te maken in ‘toegankelijke’ engines als Unity en Unreal heb je nog altijd (basis-)kennis van programmeren nodig en ook het ontwerpen van grafische assets voor je game vereist behoorlijk wat talent.

Monica Geuze

Wat dat betreft zitten we qua toegankelijkheid een beetje op het niveau van de jaren negentig, als je kijkt naar film en muziek. Destijds was het prima mogelijk om met wat vrienden een film of een album te maken, maar het kwam nog lang niet in de buurt van de lage drempel die we nu kennen.

Die drempel is nu zelfs zo laag dat elke kleuter met een telefoon en een internetverbinding een vlog kan starten. Dat er superveel behoefte is aan zulke content blijkt wel uit de astronomische populariteit die YouTube-sterren genieten.

Mijn grote hoop is dan ook dat games maken zo laagdrempelig wordt als vloggen. Niet dat ik per se het equivalent van een Monica Geuze-vlog wil spelen, maar ik ben razend benieuwd wat creatievelingen gaan maken als ze niet meer worden gehinderd door het hopeloze vooruitzicht van jarenlange programmeerles.

Bejaardentehuis – The Game

En wat te denken van het idee dat onze hele generatie is opgegroeid met games en het straks dus nóg normaler is om te gamen. Ook het vooruitzicht dat mensen met meer dan zestig jaar levenservaring straks games zullen maken stemt me hoopvol.

De meeste regisseurs leveren immers hun beste werk aan het eind van hun carrière en ik kan dan ook niet wachten totdat de huidige generatie ontwikkelaars hun ‘bejaardengames’ gaan maken.

Neem een Hideo Kojima; decennialang door Konami gedwongen om Metal Gear-games te produceren en nu eindelijk vrij om zijn eigen plan te trekken. Kojimas aanstaande project Death Stranding ziet er bijzonder veelbelovend uit en inspireert andere grootheden hopelijk om ook hún droomprojecten van de grond te krijgen.

Death Stranding

Bijkomend voordeel is dat een ouder wordend publiek meer open zal staan voor experimentele games. Het gros van de grote producties is momenteel nog gericht op een erg jong publiek, maar dat zal over tien jaar ongetwijfeld anders zijn. Gamers worden ouder maar ook bekwamer en gaan hopelijk op zoek naar moeilijkere ervaringen (en dan heb ik het niet over Dark Souls).

Doordat de markt ouder en groter wordt, zal het rendabeler worden om games met een hoge productiewaarde te maken, zonder dat dat meteen Call of Duty-esque blockbusters moeten zijn.

Een game als Death Stranding is zo esoterisch dat het tien jaar geleden nog met een karig budget gemaakt zou moeten worden, maar anno 2017 is het publiek groot genoeg om miljoenen uit te trekken voor zo’n bizarre game.

Op hardwaregebied beleven we al gouden tijden met prachtige virtualrealitybrillen, krachtige consoles en de Nintendo Switch die ervoor zorgt dat ik overal ter wereld Breath of the Wild kan spelen. Waar het precies heengaat, durf ik niet te zeggen, maar ik kan niet wachten om oud te worden en het mee te maken.

Hopelijk zit ik tegen die tijd een game over een bejaardentehuis te spelen, op een chip in mijn hersenen, ontwikkeld door een stokoude Hideo Kojima.

Deel dit verhaal: