De droom van een gamer uit Gemert ‘Ik wil jongeren met een beperking helpen om gamen toegankelijk te maken’ 11 minuten leestijd

Tweede kerstdag, 2013. Paul staat op om zijn computer in orde te maken voor ‘derde kerstdag’: een niet-bestaande feestdag maar desondanks traditie voor hem en een van zijn beste vrienden. “Een beetje luieren en gamen vanaf een uur of elf ‘s ochtends tot ‘s avonds laat. Dat was het idee.” Maar het zou nooit gebeuren.

Meer gesproken verhalen horen? Abonneer je op onze podcast Laadscherm Voorgelezen

Paul van der Made gamet al praktisch zijn hele leven, eigenlijk al vanaf zijn zesde. Dat begon met een Commodore 64 en nam later serieuzere vormen aan met de lancering van de Gameboy en dankzij een oom die een pc met 286-processor meebracht. “Toen ik klein was, vond ik computers al superinteressant. Het was altijd mijn grootste hobby en dat is het eigenlijk nog steeds. Een vriend en ik zeggen wel eens lachend: als we in een bejaardenhuis zitten, gamen we nog steeds.”

De 33-jarige gamer uit Gemert (ja, echt) maakte er zijn werk van. Hij ging aan de slag bij hardwarefabrikant Cooler Master en werd daar uiteindelijk communicatiemanager. Alles ging van een leien dakje.

What the fuck

Terug naar tweede kerstdag. Paul woonde tijdelijk samen met zijn broer bij zijn ouders in huis. Die avond zijn ze samen aan het gamen. Paul sleutelt zo nu en dan aan zijn pc. Toen zijn broer het wel welletjes vond en richting zijn eigen kamer ging, maakte Paul zijn computerkast weer dicht. Het kleine hoofdpijntje dat hij voelde, vond hij niet vreemd. Het was immers al vier uur ‘s nachts.

Toen hij opstond werd de hoofdpijn ineens heel heftig. Hij liep richting de gang en viel op de grond. “What the fuck. Dit is raar. Dat is het enige wat ik dacht.” Paul wilde zijn telefoon pakken, maar merkte dat zijn arm niet meewerkte. Schreeuwen om hulp lukte ook niet. “Ik wilde iets zeggen, maar kwam niet uit mijn woorden. Wat eruit kwam was niets meer dan wat gebrabbel.”

Zijn broer hoorde de klap waarmee Paul op de grond viel en belde 112. Binnen no-time bracht een ambulance hem eerst naar het ziekenhuis in Helmond en vervolgens naar het ziekenhuis in Tilburg. Daar werd Paul geopereerd. De chirurgen verwijderden een deel van zijn schedel om de druk op zijn hersenen weg te nemen. Na vier dagen komt Paul weer bij.

Paul na zijn operatie

Revalidatie

Het was het begin van een lange revalidatietijd. Als gevolg van een hersenbloeding heeft Paul meerdere beperkingen. Door de hemianopsie is hij in een helft van zijn gezichtsveld blind. Dan is er nog afasie, een taalstoornis. Zijn rechterarm is geheel verlamd, zijn rechterbeen deels, waardoor lopen en traplopen soms lastig gaat.

“Ik leef en dat is eigenlijk de belangrijkste reden dat ik nog zo happy ben. Natuurlijk zijn er momenten dat ik het klote vind ik dat sommige dingen niet meer kan. Maar de kans was heel groot dat ik het niet zou overleven”, zegt Paul.

Als gevolg van de hersenbloeding moest hij opnieuw leren lezen, schrijven, praten en lopen. Datzelfde gold voor gamen.

Een complicatie: hoe kun je League of Legends, World of Warcraft en andere games spelen als je alleen je linkerarm kunt bewegen? Dan moet je op zoek naar creatieve oplossingen. En dat deed Paul. “Uiteindelijk vond ik een muis van Razer, met 12 knoppen. Dat was ideaal. Omdat ik door die knoppen met één hand extra vaardigheden in games kon gebruiken waar ik normaal gesproken mijn andere hand voor nodig zou hebben”, zegt hij.

Maar wat als je heel andere beperkingen hebt en je bijvoorbeeld beide armen niet meer kunt gebruiken, je doof of blind bent? Kun je dan nog gamen? En zo ja, welke games zijn dat dan?

Vrienden maken

Na zijn revalidatie besloot Paul dat dit zijn doel zou worden. Hij richtte een stichting op met als missie om jongeren met een beperking te helpen om games weer toegankelijk te maken. “Mijn droom is hen te helpen nieuwe vrienden te vinden.”

Die droom komt voort uit wat hij zag tijdens zijn revalidatietijd. Voor veel jongeren met een beperking ontstaat op een bepaald moment een kloof in de relatie met hun vrienden. “De vrienden die ze hadden, gingen studeren en naar een andere plek. Ze gaan verder met hun leven. Dat wil niet zeggen dat ze je niet meer kennen. Maar ze komen niet zo makkelijk of minder snel langs.”

Daarnaast komen mensen met een beperking over het algemeen minder vaak in nieuwe omgevingen, legt hij uit. “Dus leer je ook minder snel nieuwe mensen kennen. Dat die jongens en meisjes vaak minder vrienden hebben, vind ik zo lullig.”

En dat is volgens Paul waar juist gamen, en dan vooral multiplayer, heel goed bij aansluit. “Door samen te spelen met anderen is het typisch zo’n hobby waar je vrienden mee kunt maken. Het is gewoon leuker om dingen samen te doen.”

Bart de Graaff Foundation

Paul besloot eerst een kleinschalige gamedag voor jongeren met een beperking te organiseren, om erachter te komen of hij zich na zijn hersenbloeding wel kon vastleggen aan zo’n groot doel. “Het was belangrijk om te kijken of ik de dag na het event weer functioneerde of daarna lang moest opladen. Als het te zwaar was, zou ik er niet mee door kunnen gaan.”

Het evenement was succesvol en Paul voelde zich na afloop goed. Hij ging aan de slag met een ondernemingsplan. In september 2015 was zijn stichting HiPerks een feit. Kort erna wijst een vriend hem op de Bart de Graaff Foundation: een stichting die is opgericht door familie van Bart de Graaff, de held die zender BNN begon. De stichting helpt jonge ondernemers met een beperking om hun dromen waar te maken.

Paul met de Bart de Graaff Foundation

En die steun kan Paul goed gebruiken. “Ik krijg bijvoorbeeld hulp van een accountant. Want geld uitgeven kan ik heel goed, maar een stichting runnen is natuurlijk niet eenvoudig. Daarnaast krijg ik ook financiële ondersteuning.”

Website

Paul wil eerst een website lanceren, waar jongeren met een beperking advies kunnen krijgen over de games die beschikbaar zijn. “Op mijn website kun je aangeven welke beperking je hebt. Speel je met of zonder handen, ben je doof, blind of heb je een dwarslaesie. Vervolgens kun je zien welke spellen je dan nog wel kunt spelen.”

De volgende stap is dat er instructiefilmpjes moeten komen over hoe je ondanks je beperking toch kunt gamen. Paul maakte zelf al eens een filmpje over hoe je League of Legends met één hand kunt spelen. Maar uiteindelijk wil hij ook video’s hebben van jongeren met andere beperkingen.

“Het zou prachtig zijn om samen met andere jongeren een community of platform te kunnen vormen. Hoe mooi zou het zijn als jongeren die iets anders hebben ook video’s maken en er tig voorbeelden komen van jongeren die het helemaal zelf hebben uitgevonden.”

Paul wil via zijn foundation ook leuke dingen organiseren, zoals LAN-parties. De eerste staat gepland voor december. “Dat vergt nogal wat hoor. Want niet iedere locatie is geschikt. Er zijn veel dingen om rekening mee te houden. Gamen op een LAN kan natuurlijk vrij intensief zijn. Je kunt je voorstellen dat sommige jongeren na een potje gamen ook een plek willen waar ze even tot rust kunnen komen.”

De gamer uit Gemert wil al in oktober live gaan met zijn website. Dat is nog geen vier jaar na zijn hersenbloeding. “Het begon met revalideren en oefeningen doen alsof ik weer op de basisschool zat. Daarna kwam de droom om anderen een hobby te laten zien waarmee ze nieuwe vrienden kunnen maken. Of het lukt is een tweede. Maar ik hoop vooral dat zij anderen met hetzelfde probleem tegenkomen.”

Als zijn stichting succesvol wordt, hoopt Paul ook de stap naar andere landen te maken. “Er zijn in het buitenland ook andere heel mooie stichtingen die prachtig werk verrichten. Het zou mooi zijn om met hen samen te werken.”

Andere organisaties

Paul is niet de enige die zich inzet voor jongeren met een beperking. Overal ter wereld proberen organisaties de toegankelijkheid van games te stimuleren. Een van de grootste is de Amerikaanse stichting AbleGamers, die onder meer samenwerkt met fabrikanten van gamehardware en makers van games.

“De afgelopen jaren zijn games veel toegankelijker geworden”, zegt de directeur van die organisatie, Mark Barlet. “Vrijwel alle games hebben tegenwoordig ondertiteling en de mogelijkheid om de indeling van de controller te wijzigen.” Ondertiteling is nuttig voor doven; mensen als Paul hebben baat bij een andere indeling van de controller.

Met de Copilot-functie kunnen twee Xbox One-spelers samen één personage besturen

De stichting van Barlet werkt momenteel aan nieuwe apparaten die mensen met een lichamelijke beperking moeten helpen gamen. “Vaak helpt het al als zij niet zelf de controller hoeven vast te houden”, zegt Barlet. De controller kan daarvoor bijvoorbeeld in een houder worden geplaatst. Voor de Xbox One bestaat zo’n houder al; voor de PlayStation 4 ontwikkelt Barlets organisatie er momenteel één.

Niet alles

Toch is nog niet alles in orde. “Quick time events zijn niet echt geschikt voor mensen met een handicap”, zegt Barlet. Dat zijn scènes waarbij een speler snel bepaalde knoppencombinaties in moet voeren. Ook heeft lang niet elke game een sandbox-modus, die vooral voor mensen met een verstandelijke beperking handig is. “Daarmee kunnen ze beter leren hoe een game werkt”, zegt Barlet.

Bovendien is het voor gamers met een beperking lastig om vooraf te weten te komen hoe geschikt een game is. “Spelontwikkelaars schreeuwen niet van de daken of hun game is voorzien van ondertiteling en of je de indeling van de controller kunt wijzigen”, zegt Brian Bors, een Nederlandse expert in toegankelijkheid van games.

Ondertiteling van de verhaallijn is bijvoorbeeld niet genoeg. “Voor dove gamers is het ook fijn als de ondertiteling aangeeft waar een vijand zich bevindt”, zegt Bors. Bovendien zijn tussenfilmpjes vaak wel ondertiteld, maar in-game dialogen nog lang niet altijd.

De stichting waar Bors werkt, Accessibility.nl, heeft daarom een website opgericht waar gamers dat kunnen opzoeken. Omgekeerd zijn er voor ontwikkelaars richtlijnen die ze kunnen gebruiken om hun games toegankelijker te maken.

PC

Over het algemeen geldt voor gamers met een beperking: hoe meer er is aan te passen, hoe beter. Zo kunnen grafische mods kleurenblinde gamers helpen en spraakcommando’s de noodzaak vervangen om fysieke knoppen in te drukken. “Pc-games zijn het makkelijkst aan te passen met dat soort mods”, aldus Bors.

Een ander voordeel van de pc is dat spelers geen controller hoeven vast te houden. Een van Nederlands bekendste gamers met een beperking, de vorig jaar overleden Bor Verkroost, kon op die manier op het laatst toch nog games spelen. “Hij slaagde er niet meer in om de knoppen op een controller in te drukken”, zegt zijn beste vriendin, Sabina Dirks. Maar met een muis was hij nog steeds in staat om Rome: Total War te spelen.

Toch doen ook de consolebouwers hun best voor gamers met een beperking. Zo is het op de Xbox One en PlayStation 4 mogelijk om het contrast te verhogen of kleuren om te keren. Dat is nuttig voor slechtzienden, zegt Ekrem Koç, die zelf doof en slechtziend is. Hij gebruikt het zelf op zijn iPhone en iPad. Zo toegankelijk waren games niet altijd: “Vroeger speelde ik graag op mijn Wii, maar dat kan nu niet meer als spellen ingewikkeld zijn of felle kleuren hebben.”

Bepaalde beperkingen

Blinde gamers hebben het misschien nog wel het moeilijkst. Er zijn verhalen over blinde gamers die een spel uitstekend onder de knie weten te krijgen en zelfs beter zijn dan spelers met zicht, maar voor veel blinden is het leeuwendeel van de games onspeelbaar.

Wat niet wil zeggen dat zij niet kunnen gamen. “Er zijn games speciaal voor blinden”, aldus Barlet van AbleGamers. “Daarbij navigeren ze volledig met behulp van audio door een spel heen.” Maar mainstream-games zijn lastiger.

Waar gamen voor Paul een uitdaging is door zijn beperking, heeft een andere specifieke groep soms juist baat bij hun beperking. Dove gamers communiceren via games soms juist makkelijker dan in het dagelijks leven. “Doven hebben in het dagelijks leven een communicatiebarrière”, zegt Splinter van Schagen, gamer en vrijwel volledig doof sinds hij anderhalf jaar oud was. “In games wordt die doorbroken.”

Op die manier werd Van Schagen leider van een World of Warcraft-guild van veertig spelers. “Ik communiceerde via tekstchat, en niemand had door dat je een handicap had, in tegenstelling tot in het dagelijks leven.” Bovendien denkt Van Schagen dat doven soms zelfs beter zijn in gamen. “Doven verwerken visuele input sneller”, zegt hij.

Lastig wordt het wel als mensen voice-chat in plaats van tekstchat gebruiken, wat op consoles de norm is doordat tekstchat vaak afwezig of omslachtig is. “Tekstchats worden steeds vaker vervangen door spraak”, zegt Van Schagen. “Maar bijvoorbeeld in Overwatch kun je via pings signalen aan andere spelers aangeven, die ook in het beeld worden getoond.”

Speciaal voor doven organiseert Van Schagen samen met andere dove gamers LAN-parties. Vanuit heel Nederland komen zij twee keer per jaar naar de Deaf Dome LAN of the North in Groningen om dagenlang uren met elkaar te gamen. “Vooral League of Legends en Call of Duty”, zegt hij. Ook organiseert hij Mario Kart-competities in buurthuizen. Met zijn beweegredenen kan iedereen zich wel identificeren. “Het blijft toch leuker om iemand in het echt te zien verliezen.”

Dit verhaal is geschreven door Harm Teunis & Joost Schellevis.

Wie in contact wil komen met Paul of zijn stichting, kan vanaf oktober terecht op de website van zijn HiPerks Foundation. Paul is ook bereikbaar via LinkedIn of e-mail.

Harm Teunis

Freelancejournalist voor BNR en RTL Z. Heeft sinds FIFA '99 dat ene nummer van Fat Boy Slim in zijn hoofd. Sucker voor Blizzard-games. Berichten etc. via harm@laadscherm.nl of Twitter.